Deze website gebruikt analytische cookies om inzicht te krijgen in de populariteit van de aangeboden artikelen (webstatistieken). Persoonlijke gegevens van bezoekers worden niet vastgelegd.

Klimaatcollaps mijden noodzaakt ommekeer in diverse onderdelen van de samenleving. Ook neoklassieke economische recepten, zoals het EU ETS, moeten op de schop.

1) Beleidscontext

 

Op een eindige planeet, omringd door een kwetsbare atmosfeer, leven ontelbare, diverse Actoren samen in het nastreven van privé en publieke Belangen, in Geld gecondenseerd door economische prijstheorie. Geld in beetjes, en in massale stromen, is een drijfveer van economische activiteiten. Instituties en Politiek bepalen de maatschappelijke kaders voor actoren, activiteiten, en het gebruik van publieke en privé Infrastructuren, een omvangrijk Vastgoed. Ideeën veroveren Invloed en Legitimiteit via geconstrueerde verhalen, symbolen, beeldvorming, taal, paradigma’s, … Ze verantwoorden handelingen en activiteiten, verworven posities, macht, kennis, bezit, …

De bonte samenlevingen floreren op Substraten van Energie & Technologie, met de zon als ultieme bron van energie en leven op aarde. Alle activiteiten behoeven tijdige energie in specifieke vorm en hoeveelheid. Bij dit paswerk is Technologie instrumenteel. Vooruitstrevende technologie oogst in de omgeving hernieuwbare energiestromen, die de fossiele brandstoffen en hun broeikasgasemissies vervangen. Energietransformaties zijn onmisbaar, en onvermijdelijk doordat sinds 2018 wind en PV-stroom structureel goedkoper is dan elektriciteit uit stoomcentrales (irena.org).

Inertie schuilt in Actoren, Ideeën, Belangen, Instituties, en Infrastructuren. Inertie remt drastische ommekeer, dringend nodig voor het vermijden van klimaatcollaps. Ideeën trekken maatschappelijke omwentelingen, met duwkracht van Energie & Technologie transformaties. Gevestigde belangen verdedigen het Gewoon Voortdoen. Het neoliberale paradigma van onbeperkte materiële groei voor de rijken verspert de weg voor mondiale Duurzame Ontwikkeling. Ingrijpend veranderen is lastig voor actoren die erbij (denken te) verliezen.

Ommekeer – hoe noodzakelijk en onvermjdelijk ook – stuit op weerstand. Toch moet de mens van de natuur leren genieten in een ondergeschikte rol; moet geld een middel zijn in plaats van het ultieme doel; moet grove ongelijkheid in rijkdom tussen mensen en tussen landen verdwijnen; moet … zoveel: ook bevraging van eigen zekerheden over klimaat-economische recepten.

2) Economische zelfkritiek

Uitstoot van overmatige Gigaton langlevende broeikasgassen (BKG) veroorzaakt opwarming en klimaatverandering. Voor uitstootcontrole promoten economen mondiaal ‘geharmoniseerde’ uniforme heffingen of emissierechtenhandelssystemen (van den Bergh en Botzen, NM&E 1/2021). Omzetting van de economische wonderrecepten in werkelijkheid is nooit vertoond (bv. mislukt Kyoto Protocol). Ontbreekt het beleidsmakers aan moed, of zijn de wonderrecepten onuitvoerbaar? Kritisch onderzoek (Verbruggen 2020, 2021) levert opmerkelijke bevindingen over bijvoorbeeld diversiteit, prijs geïnduceerde innovatie, de EU ETS permitprijs.

T.a.v. diversiteit is de houding van economen dubbelzinnig. Enerzijds zien ze diversiteit als kostenpost door verlies van schaalvoordelen. Anderzijds functioneert diversiteit als de winstbron bij voorgestelde uniforme BKG-prijszetting. Diversiteit is gradueel met onderscheid tussen homogene en heterogene zaken. Aristoteles vermijdt discriminaties met de regel: ‘Behandel gelijke zaken gelijk, ongelijke zaken ongelijk’. Uniform geprijsde groene stroomcertificaten voor elektriciteit uit heterogene hernieuwbare bronnen en technologieën bezorgde superwinsten aan eigenaars van voorbijgestreefde technologie (afval en biomassaverbranding): een ‘race to the bottom’. Daarentegen, diverse tarieven voor elektriciteit uit diverse bronnen (wind, licht, water, …) maakten deze marktdominant in twee decennia (irena.org).

Prijsgeïnduceerde innovatie bouwt op het principe ‘goedkopere technologie vervangt duurdere’. In geprojecteerde emissiescenario’s van IPCC (Werkgroep 3) fungeert de BKG-prijs als schuifmaat om emissies te verlagen. Echter, EU ETS brengt geen innovatie voort; elektriciteitsconcerns bouwden in de periode 2008-2020 (ETS fase 2-3) verschillende grote kolencentrales in Nederland en Duitsland. Uitblijvende diepgaande emissievermindering toont dat corporaties geen €miljarden willen besteden voor aankoop van uitstootrechten, noch voor investeringen zonder winstperspectief; ze wensen subsidies voor BKG-reducerende innovaties (IEA.org).

EU ETS geeft gratis uitstootrechten aan de meeste industriële activiteiten. Eventuele tekorten moeten ze kopen; overschotten kunnen ze verkopen of sparen. Dan is de ETS BKG-prijs een franje-prijs, enkel betaald voor de druppels die overlopen van de gratis gekregen volle emmer. Dit is niet gelijk een marginale kostprijs toegepast op alle uitstoot. De academische ETS literatuur verwart beide prijzen, en vergoelijkt zo de gratis rechten voor de industrie. Elektriciteitsproducenten krijgen steeds minder uitstootrechten gratis: de ETS permitprijs stijgt flink (ember-climate.org). De financiële uitgaven schuiven ze door naar niet-ETS elektriciteitsgebruikers, die zo voorbijgestreefde investeringen in kolencentrales betalen. De schijnwerpers op het symbool van de ETS-prijs verdoezelen het ontbreken van transparante informatie over de €miljarden geldstromen.

‘Cap-and-Trade’ verhalen verhullen toebedeling van gratis rechten en administratieve prijszetting. De geconstrueerde ETS symboolprijs is verre van eenduidig als franje-prijs, doorrekenprijs aan niet-ETS elektriciteitgebruikers, speculatieprijs.


Info: https://www.avielverbruggen.be


Referenties

Verbruggen, A. (2020), Een politieke economie van het Europees emissiehandel systeem: instituties en discursieve macht. TPEdigitaal 2020 14(3) 74-92
Vervruggen, A. (2021), Pricing Carbon Emissions: Economic Reality and Utopia. Routledge OA (verschijnt in juli 2021).